Ijzige avonturen

Deze 'coole' les staat bol van alle spannende activiteiten!

- scroll down -

Over deze les

In de winter kan het héél koud zijn, kan er sneeuw uit de lucht vallen en soms kunnen we schaatsen op bevroren water. Wanneer het warmer wordt smelt dat ijs ook weer. Vandaag werken we met ijs, dat helemaal niet kan smelten. Het is immers niet van water gemaakt! Wat zou er dan gebeuren als je dit speciale droog ijs verwarmt?

Laat je verbazen door spectaculaire demonstraties die je zintuigen zullen prikkelen. Deze les sluit mooi aan bij thema’s als winter, vriezen/dooien, maar ook bij sprookjes, Halloween of griezelen.


Een kijkje nemen?

Professor Volumeknop geeft alvast een klein voorproefje op onze coolste les: Droogijs!

Onderwijs

Tijdens de les leer je onder andere dat:

- Je met een thermometer kunt meten hoe warm of koud iets is - Als de thermometer warmer wordt, dan gaat de vloeistof erin omhoog - Warme lucht omhoog beweegt - IJs erg koud is; het is gemaakt van water; als het warm wordt smelt het - Als je water bevriest verandert het in ijs - Droog ijs is gemaakt van gas; het smelt niet, het sublimeert en verandert meteen van ijs in gas

Proefje voor thuis: gekleurd ijs

Je hebt nodig:

1 klein plastic flesje, water, voedselkleurstof, diepvries

Stap 1: Vul het flesje met water Stap 2: Voeg twee druppels kleurstof toe Stap 3: Doe de dop op de fles en schud de fles zodat het water en de kleurstof goed mengen Stap 4: Zet de fles een dag lang in de diepvries Stap 5: Haal de fles uit de vriezer. Wat is er gebeurd?

Uitleg: In de diepvries koelt het water af, het bevriest. Het ijs begint zich te vormen aan de zijkanten van de fles en gaat dan langzaam naar binnen. De kleurstof past niet heel goed tussen de ijsdeeltjes. De kleurstof wordt naar binnen geduwd. Als al het water bevroren is, bevriest ook de kleurstof die dan in het midden zit.

Termen & concepten

Warm, koud, temperatuur, thermometer, ijs, water, gas, smelten, bevriezen, sublimeren

Kerndoel(en) die behandeld worden:

42 - De leerlingen leren onderzoek doen aan materialen en natuurkundige verschijnselen, zoals licht, geluid, elektriciteit, kracht, magnetisme en temperatuur

44 - De leerlingen leren bij producten uit hun eigen omgeving relaties te leggen tussen de werking, de vorm en het materiaalgebruik.

BLIJF OP DE HOOGTE